Categorie Archief:Tuindorp Oost

‘Met liefde erbij is alles lekker’

Door Lieve Hehenkamp, bewoner van Tuindorp Oost

Daar zat ik dan, een jaar geleden, op mijn eerste uitje met de ouderen. Gelokt door de combinatie van thee en taart. Ik zat op een iets te harde stoel, met onrust in mijn hele lijf. Alleen mijn vingertoppen lieten echter de onrust zien, druk tikkend op mijn bovenbeen. Ik ben anders, in hun ogen jong. Wat zouden ze denken van mij, die lange meid, met die hoge hakken? Hoe gaan we in hemelsnaam die verbinding vinden? Niet de thee of taart (al was die belachelijk lekker), maar het ontmoeten van Ansje, aan het einde van dit uitje, vormde gelijk het begin van het antwoord op die vraag.

Ansje is een oudere bewoonster van Tuindorp Oost, achterin de 80, van klein statuur, met een scherpe blik. Gedurende het gesprek leer ik al snel dat haar man drie weken daarvoor was overleden. Ik schrik en mijn mond schiet even op slot. Ik mompel dan ‘wat erg’ en het gesprek gaat gelukkig daarna weer door. Uiteindelijk loop ik met Ansje mee terug naar ‘ons’ huis en ze vraagt me nog even binnen. ‘Kom, dan laat ik je wat foto’s zien.’ Een half uur later sta ik verrijkt maar ook wat verdrietiger weer buiten. Wat een indruk kan een simpele middag dan achterlaten.

Deze ontmoeting was de start van een voor mij (toch) onverwacht leuk en waardevol contact. Korte tijd na het uitje ga ik langs bij Ansje, benieuwd naar hoe het met haar gaat. Ze vraagt me binnen en al snel kletsen we gezellig aan het raam, de zon zachtjes binnen schijnend op ons beiden. Vele ontmoetingen volgen waarbij ik leer dat ik niet bang hoef te zijn om anders te zijn. We hebben gesprekken over bijvoorbeeld het geloof, legpuzzels, abortus, beschuiten (‘Bolletje natuurlijk’), eenzaamheid, familie, televisieprogramma’s en reizen.

Maar… één van de favoriete gespreksonderwerpen van mij en Ansje is toch wel de liefde, in al zijn vormen. Bij Ansje gaat het voornamelijk over haar familie en haar overleden man en hun prachtige leven samen, bij mij over mijn datingperikelen. Vandaag was ik weer bij Ansje, en ik maakte op gegeven moment aanstalten om weg te gaan. ‘O moet je weg?’. ‘Ja er komt iemand eten, en ik moet nog koken.’ Een korte pauze. Dan zegt Ansje, met een kleine glimlach: ‘Spannend?’. Ik grijns terug en knik. Vertel dat ik toch wel zenuwachtig ben, dat ik wel wil dat het lekker is. Een grotere glimlach dit keer. ‘Lieve; met liefde erbij is alles lekker. En gewoon jezelf zijn.’ Kort na deze woorden ga ik weg en bij het weggaan hoor ik net voordat ik de deur dichtdoe nog een zachtjes ‘En niet nerveus zijn hè?’. Ik doe de deur dicht met weer diezelfde grijns en een mengelmoes van emoties. Echt niks mis met anders zijn, hier in Tuindorp Oost. Ansje, dankjewel hè?

 

DE VERHALENEXPRESS TDO ||| Een dorp in de stad

Door Cuno Balfoort, pandbeheerder Tuindorp Oost.

Het is een mooie zomerse dag en de ouderen staan klaar om lekker taartjes te gaan eten in ecologisch tuinenpark de Driehoek. Milan heeft vrij genomen om te helpen. Careyn heeft helaas te weinig zusters om de mensen uit de Tuinkamer mee te kunnen brengen. Een vrijwilliger van de Driehoek is erg geraakt door de oneerlijkheid van de situatie. Er is echter niets aan te doen door de kafkaëske restricties die worden opgelegd via medisch protocol en aansprakelijkheid. Milan en ik pakken beiden een rolstoel met een ouderling erin en beginnen te lopen.

De hitte overspoelt ons en ik trek snel mijn jas uit. Ik grap tegen de oudere dame in de rolstoel dat wij Milan en zijn bijrijder zullen verslaan in deze race. Op een drafje breng ik haar naar het huisje van de Driehoek. De taarten staan al op tafel. Een assortiment natuurliefhebbers begroet ons met enthousiasme en warme blikken. Ik parkeer mevrouw aan een tafel en de vrijwilligers van de tuin verzorgen haar direct met stukken taart en warme dranken. Milan toont mij zijn empathische superioriteit en stelt voor taartjes terug te brengen naar de mensen in de tuinkamer die niet mee konden. Dit idee wordt hartelijk ontvangen en al snel lopen we terug naar huis met twee schalen vol taartjes.

We leveren de taartjes bij de tuinkamer af, de goede daad wordt op prijs gesteld, en we lopen snel door om de laatste twee ouderen op te halen. Hun sippe gezichtjes lichten op als we eraan komen. “De eersten zullen de laatsten zijn” zeg ik tegen mijn bijrijder, puttend uit een deel van mijn geheugen wat me tot nu toe onbekend was. Ze kirt gelukzalig om mijn bijbelreferentie en klampt zich vast aan haar stoel terwijl ik haar joggend over het pad langs de ezels stuur. Ik vraag haar of het niet te hard gaat maar ze merkt op dat ze dan ook eerder bij de taartjes zullen zijn. Extra gemotiveerd door het idee van taartjes ren ik nog een stuk door. Als we er zijn kijkt mevrouw nog even achter ons, naar Milan en zijn passagier, en exclameert “We lopen wel voor!”

Als de taart op is grijpen alle vrijwilligers een rolstoel en beginnen we aan een wandeling door de tuinen. Het is de meest prettige zomerdag die Nederland produceert en wij lopen door het mooiste stuk natuur in de omgeving. De vrijwilligster die voor ons loopt vertelt ons welke planten we zien en bij sommigen heeft ze een korte anekdote. Ik weet nu over onkruid uit het Krijt. Het trotseren van het zanderige paadje is voor de ouderen een soort safari; je ziet mensen die hun omslagdoek wat hoger leggen en bij twee rolstoelen ontstaat een mankement. Het mag de sfeer echter niet drukken.

Bij terugkomst worden de tafels buiten gezet en veel ouderen willen nog wel even in de zon. Met een sapje in de hand wordt er nu gezongen. De liedjes vallen binnen het thema ‘tuin’. Niets eraan is herkenbaar voor mij en ook Milan lijkt ze niet te kennen. Meerdere generaties vrouwen zijn nu een liedje aan het zingen over een zielig mereltje en een vrouw die “Marietje” heet. Het is geweldig om te zien dat gezamenlijk zingen zo waardevol is voor deze mensen. Ouderen die normaal erg stil en op zichzelf zijn zingen ineens uit volle borst mee.

Met de hulp van de vrijwilligers brengen we alle ouderen weer terug naar huis. Als Milan en ik een laatste ronde hebben gedaan om te kijken of er geen achterblijvers zijn vergeten, gaan wij ook weer naar huis. De laatsten die ik nog van dienst kan zijn, zijn de dames van lijn zeven. Ik heb net mevrouw Nienhuis uit haar rolstoel geholpen en ben op weg naar huis, als ik door een van de ouderen van lijn zeven word aangesproken. Ze heeft het over haar vriendin, dat ze niet meer weet waar ze nu is. Ik merk op de ze er de hele tijd zo goed bij was, dat het me verbaast. Dat het misschien de heftige warmte was. Het is nu bijna elke dag zegt ze, vanochtend heeft ze haar geholpen met aankleden, toen was ze net zo in de war. Ze heeft tranen in haar ogen. Ik weet niets om te zeggen.

Nadat ik heb aangeboden een keer boodschappen te doen of thee te drinken, iets beters kan ik niet verzinnen, neem ik afscheid en ga ik terug naar huis. Het kan confronterend en moeilijk zijn om betrokken te worden in zaken van dood en ziekte, maar ik ben ervan overtuigd dat het belangrijke levenservaring geeft. Onmisbaar zelfs, want vroeg of laat confronteert het leven je er toch mee. En het positieve krijg je ook: mensen die aan het einde zitten toch nog mee laten doen en helpen met mooie ervaringen opdoen. Ik maal alles nog eens over. Deze dag had alles; blijdschap en verdriet, alle generaties en natuur in de stad. Dit is toch wel een beetje hoe een dorp hoort te zijn.

DE VERHALENEXPRESS TDO ||| Het brandalarm…

Door Sanne Heemskerk, bewoonster van Tuindorp Oost.

Voordat ik mijn verhaal doe over het brandalarm in mijn appartement zal ik eerst even uitleggen waar ik woon. Ik woon in een bejaardentehuis, niet omdat ik al heel oud ben maar omdat het op de slooplijst staat. Daardoor komen er geen bejaarden meer binnen, er ontstonden wel lege appartementen en zo langzamerhand werd de flat een spookflat. Ik woon dus in een spookflat, en verjaag de spoken door daar te wonen! And believe me, fulltime job!

 Terug naar het brandalarm, in een bejaardentehuis staat het brandalarm op scherp. Want mocht er brand uitbreken dan ben ik van spookverjager plots rollatorbegeleider en staat de brandweer echt in 2 sec. op de stoep!

 De brandalarmen stonden zo scherp dat het voor de spookverjagers in het gebouw bijna onmogelijk was een lekkere pannenkoek te bakken, laat staan een tosti! Na een aantal meldingen zijn de brandalarmen bij de spookverjagers minder scherp afgesteld maar de schrik zit er bij sommigen goed in. Mijn buurmeisje durft nog geen kaars aan te steken.

 Ik had nergens last van, tot ik het vorige week klaarspeelde om soep droog te koken. Best een prestatie als er 1,5 liter water in zit. Ik tilde de deksel van de pan. De geur van gekarameliseerde ui en wortel in vergaande staat bereikte mijn neus. Snel liet ik de deksel weer zakken en bekeek de keuken. Staat die blauw? Is dit blauw staan? Even mijn buurmeisje vragen. Oja de voordeur kan beter dicht blijven, op de gang zitten ook van die alarmen. Balkondeur open dan maar? Hmm.. Fornuis uit! Check. Zal ik… nee. Of toch maar.. nee niet handig. Stomend water? Ja laten we de waterkraan aanzetten. Das voor zo’n alarm toch teken van goeie stoom, niet te verwarren met rook.. een stoom vermengt met rook kan nooit slechter zijn dan rook! Top idee!

Lang verhaal kort, het alarm bleef stil. Drie centimeter zwaar gekarameliseerde ui, wortel en broccoli is geen reden voor alarm!

 De dagen verstrijken en ik blijf wat dichter bij mijn fornuis. Tot vandaag. Mijn ontbijt is al achter de kiezen, maar ik bak met het resterende beslag de laatste pannenkoeken. Even zet ik een afspraak in de online agenda. Een tweede afspraak, even opzoeken hoe laat dat begon. Piep piep piep, mijn hart stijgt naar mijn keel, ooo nooo, mijn pannenkoeken.. Ik sprint naar de keuken, kijk naar het brandalarm, terwijl ik in mijn ooghoek de oorzaak van het geluid zie. Een oud mannetje rijdt zijn scootmobiel vakkundig achteruit de gang door.

 

Ik geef de pen door aan Kim Brand.

Op ons Paasbest

Pasen is zeker niet onopgemerkt voorbij gegaan in Tuindorp Oost dit jaar. De bewoners en het personeel hebben elkaar flink in de watten gelegd! Een aantal jonge bewoners kwam met het idee om de ouderen een extraatje te geven deze Pasen. Dit groepje meiden heeft een avond gehobbied en hebben 70 pakketjes met paaseitjes samengesteld. Deze werden de dag voor Paaszondag rondgebracht bij de appartementen van de ouderen. Lieve kaartjes in de lift en op de prikborden lieten blijken dat de actie goed in de smaak viel!

Diezelfde dag werden de jonge bewoners in het zonnetje gezet. En wel door het personeel van Careyn. Zij hadden mooie pakketjes met Paasstolletjes klaargemaakt, die Mitra (hoofd catering) persoonlijk kwam brengen aan de deur. Heel erg lief! Pasen kon niet meer stuk dit jaar, deze kleine gebaren lieten een liefdevolle sfeer achter in het gebouw.

Herbstgold | Filmmiddag #2

Geschreven door: Bas Agerbeek, bewoner van Tuindorp Oost.

Hoe beter de middag te vullen op een sneeuwige dag, dan samen een goeie film kijken op bioscoopformaat in je eigen flat. Rond twee uur ‘s middags stonden de eerste bewoners al voor de Huiskamer van de Wijk te wachten. Ze werden naar hun stoel begeleid, rollators werden in de hoek geschoven en koffie en koekjes werden uitgedeeld. Er waren zo’n acht oudere bewoners en zes jongere bewoners.

Zodra iedereen een plekje had begon Hugo Emmerzael, onze filmconnaisseur, te vertellen over de voorstelling. Herbstgold, een documentaire film die zowel jong als oud zou inspireren, waarin seniore atleten ondanks hun leeftijd en verouderde lichamen mee doen aan sporten als discuswerpen, kogelstoten en zelfs hoogspringen! Vijf seniore mannen en vrouwen uit verschillende delen van de wereld werden gevolgd, om zo een portret te schilderen van hun fascinatie met sport en hun gevecht tegen de ouderdom. De filmmaker introduceert je op een ontroerende, meeslepende en vaak ook erg grappige manier aan vijf bijzondere individuen.

In de zaal werd er gelachen om de brutale 90-jarige kogelstoter die vertelt over zijn verlangen naar een bruisend seksleven. Soms was het stiller wanneer onderwerpen als overleden levenspartners aan bod kwamen. Er werd‘oeh’ en ‘aah’ geroepen tijdens de slow-motion beelden van de sportprestaties. De film sloot af met de World Masters Championships, een atletiek toernooi voor bejaarden dat jaarlijks wordt georganiseerd in Finland. De laatste scène was van een 100-jarige discuswerper, die pas op het werppunt zijn rollator aan de kant zette om de gooi te maken. In het laatste shot vloog er langzaam een discus, met op de achtergrond een hoogbejaarde man die voor de worp heel even al zijn spieren moest aanspannen.

Na afloop werd er nog na gepraat over de film en elkaars vroegere sportprestaties. Iedereen leek het leuk te hebben gehad en keek uit naar de volgende editie van de Filmmiddag. Deze is waarschijnlijk over een maand. Hopelijk zijn er dan wat meer jonge bewoners bij en niet alleen van de 9e verdieping 😉

Samen koken voor ouderen verbindt!

De jongeren van Tuindorp Oost wilden graag een lekker kerstmaal koken voor hun oudere buren. Nu is december een maand waarin er extra veel aandacht aan de bewoners van Careyn wordt gegeven door middel van een hoop extra activiteiten rondom het thema kerst. Om toch iets feestelijks te organiseren in hartje winter, werd het nieuwjaarsdiner bedacht. Socius werd getipt door de medewerkers van de Huiskamer van de Wijk dat Jumbo Supermarkten ingrediënten voor kerstdiners voor het goede doel doneerden. Een drie-gangen-menu, dat enkel nog klaar gemaakt dient te worden door vrijwilligers. Een oproepje onder de Socius-bewoners leverde veel enthousiaste reacties op. Dat gingen we doen met z’n allen! Na het succes van de nazomerse Italiaanse avond met zelfgebakken pizza’s was gebleken dat het niet alleen een mooi gebaar naar de ouderen toe is, maar dat samen kokkerellen ook garant staat voor een gezellige middag met je buren.

Onder leiding van catering personeel Hamama en Mitra en Socius bewoner Joost, ooit werkzaam als kok, werd er voor welgeteld 84 mensen een drie-gangen-menu bereid. Binnen het door goede wil samengestelde team van jonge bewoners vond eenieder op natuurlijke wijze zijn of haar taak. De één is in de wieg gelegd om na afloop te speechen voor het hele gezelschap, terwijl de ander liever achter de schermen keihard in de pannen staat te roeren. Sommigen maakten wat oudere dames het hof – wat hadden de dames een lol –  en anderen schonken de wijnen rijkelijk bij. Het was een gemoedelijk gebeuren. Na afloop vroeg Mevrouw Raub om de microfoon en sprak mooie woorden over hoe leuk ze het vond dat dit gedaan werd en dat ze had genoten. Ook het keukenpersoneel kreeg complimenten van de jongeren: waardering voor hun dagelijks verzorgen van het eten in Tuindorp Oost.

Tot slot was het tijd voor de jongeren om ook een lekker maaltje te verorberen: er was genoeg over. Samen ruimden we alles op, proostten we op het nieuwe jaar en genoten we van de energie die het geeft om iets voor anderen te doen.

Italiaanse avond op Terrazza Tuindorp Oost

De namiddag is zwoel, de houtoven gemaakt van een leeg olievat brandt, de tafels zijn gedekt met vrolijk rood-witte kleedjes en de wijn staat koud. Het terras van Tuindorp Oost is deze zondag avond omgetoverd tot een Italiaans terrazza. Terwijl Laura Pausini uit de speakers klinkt, is een groepje jonge bewoners druk bezig met van alles en nog wat: pizzadeeg uitrollen en de bodems beleggen gebeurt in de keuken, de pizza’s worden gebakken in de houtoven en uitgeserveerd aan de gasten. Steeds meer ouderen druppelen binnen, ze komen vast af op de geur van verse pizza’s! Alle jongeren vinden een taak die goed bij hen past, de één verwelkomt de gasten, de ander serveert een drankje. Weer een ander schuift aan bij een oudere voor een praatje. Er hangt een gezellige sfeer en de pizza’s gaan er goed in! “Ja doe mij nog maar een stukje, het is heerlijk!” zegt een dame die met twee anderen zit te genieten buiten. Ook de bezoekers van de Tuinkamer zijn van de partij en laten het zich smaken. Het gerucht gaat dat ouderen zelfs hun lunch hebben overgeslagen om extra veel pizza te kunnen eten!
De pizza-avond trekt veel bekijks, de documentaire maakster is van de partij met een camera- en geluidsman evenals een journalist en fotograaf. Een plotselinge regenbui doet geen stof opwaaien, want onder de luifel kan gewoon doorgekeuveld worden. Als de bui weer opklaart is het tijd voor de spontane afsluiter van de avond: de ezel van aangrenzende boerderij het Lachende Paard wordt van stal gehaald. Deze moet namelijk socialiseren en krijgt het genoegen om even te snuffelen aan de TDO bewoners. Rond een uur of half acht houden de meeste ouderen het voor gezien en trekken zich terug in hun appartementen. Misschien drinken ze nog een espressootje of hebben ze een tiramisuutje in huis gehaald… De jongeren genieten na van een drukke, maar bevredigende dag – gevuld met lol en mooie ontmoetingen.

Expeditie Begonia: Socius spreekt op congres over intergenerationeel wonen

Op woensdag 14 september reisden Laury Achten (projectcoördinator Socius), Corine Brekveld (projectcoördinator Socius en beheerteam Tuindorp Oost) en Inge van Schipstal (beheerteam Tuindorp Oost) af naar Amersfoort om daar aan te schuiven bij een ronde tafelgesprek over intergenerationeel wonen op het congres ‘Expeditie Begonia’. We werden gevraagd om een en ander te vertellen over wonen in Tuindorp Oost en hoe dit project tot stand is gekomen. Vele vragen borrelden op en de deelnemers aan het gesprek waren erg enthousiast. Hieronder vind je een stuk dat naar aanleding van dit congres op de website van Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg is gepubliceerd, met Corine en Tuindorp Oost bewoner Arie Nagel stralend op de foto!

GENERATIES HUIZEN SAMEN: VEELBELOVENDE WOONPROJECTEN VOOR JONG EN OUD

De maatschappelijke belangstelling voor intergenerationeel wonen neemt toe. Dat constateren het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg, Leyden Academy on Vitality and Ageing en Vereniging Het Zonnehuis. Reden voor de drie organisaties om de digitale publicatie ‘Generaties huizen samen’ uit te brengen. In een reeks portretten worden inspirerende woonvariaties en hun intergenerationele bewoners belicht.

Leyden Academy werkt samen met Vereniging Het Zonnehuis aan onderwijsvernieuwing en verbetering van de beeldvorming over (werken in de) ouderenzorg. Dat gebeurt onder meer door de ontmoeting tussen de generaties te stimuleren. Het Aedes- Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg ziet dat de leden van Aedes en ActiZ, corporaties en zorgorganisaties – samen met gemeenten, welzijnsorganisaties, ouderenorganisaties en burgerinitiatieven – werken aan meer variatie in het aanbod van wonen, zorg en welzijn. De drie landelijke organisaties stimuleren en ondersteunen initiatieven op deze terreinen.

Langer zelfstandig wonen

Op veel plekken werken mensen er hard aan dat kwetsbare ouderen en andere mensen met beperkingen en kwetsbaarheden langer zelfstandig kunnen blijven wonen. Ze doen dat onder meer door projecten op te zetten waar jong en oud samenwonen. Nu eens in bestaand vastgoed, dan weer in nieuwbouw, steeds vaker met oog voor de wijk en gebruikmakend van de kracht van bewoners. Zo ontstaan prachtige projecten. De kennis die de organisatoren al doende ontwikkelen en de ervaringen die de bewoners opdoen willen we graag verder brengen.

Zinvolle ontmoetingen tussen jong en oud

In de publicatie ‘Generaties huizen samen’ komen vijf bestaande varianten in intergenerationeel wonen aan bod. Alle vijf zijn het voorbeelden van zinvolle ontmoetingen tussen jong en oud. In de brochure staan de aandachtspunten bij de organisatie van deze projecten omschreven, voorwaarden voor succes, en hobbels en knelpunten. Oude en jonge bewoners komen aan het woord. Beide generaties bieden elkaar gezelligheid, praktische steun en levenslessen, zo blijkt uit hun woorden. Een Goede Buur is beter dan een verre vriend, geldt hier in de praktijk.

 

Met deze publicatie willen het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg, Leyden Academy on Vitality and Ageing en Vereniging Het Zonnehuis iedereen die aan de slag wil met intergenerationele woonprojecten of bezig is met het vormgeven van ‘inclusieve wijken’ op ideeën brengen en laten leren van de lessen die tot nu toe geleerd zijn.

Wonen in een bejaardentehuis. Ik kon me er geen beeld van vormen toen de optie zich voordeed. Mijn eerste reactie was terughoudend van aard: mensen aan het eind van hun leven… daar krijg je vast weinig energie van, leek me. Ik twijfelde eerst dan ook of ik zoiets wel aan wilde gaan. Maar na drie maanden wonen in Tuindorp-Oost is mijn beeld 180 graden gedraaid. Ik heb mijn buurvrouw begeleid in de laatste weken van haar leven. En het was zo mooi om te doen. Om de tijd te nemen om even bij haar te komen zitten, een kopje koffie te drinken. Samen asperges te eten, die voor haar natuurlijk veel te taai en draderig waren om weg te krijgen. Samen naar het winkelcentrum gaan om een boel zoete lekkernijen te halen, een van de weinige dingen die ze nog wél wegkreeg. Samen stiekem een sigaretje roken op het balkon, omdat het haar “geen snars meer kon schelen.” Plannen maken om naar de speelhal te gaan, maar tot de conclusie komen dat dat toch wel een beetje ver weg was. Horen over hoe ze carrière had gemaakt in de mode-industrie en hoe ze altijd voor zichzelf heeft gezorgd. En haar ongenoegen en verlorenheid te zien over het feit dat ze dat nu niet meer kon. Bij de pinken als ze was, had ze maar al te goed door hoe ze aftakelde.

Dementie had geen bezit van haar genomen, dus haar geest was tot een paar weken voordat ze stierf heel helder. Des te wranger was het voor haar om steeds minder te kunnen, steeds minder leven in haar lichaam te voelen. Om te merken dat haar ogen steeds slechter zagen en om herhaaldelijk zaken kwijt te zijn. Zelf haar kunstgebit op een gegeven moment. Ondanks deze pijnlijke, bewuste staat van zijn, bezat onze buurvrouw nog een gezonde dosis cynische humor. Ik heb vaak om haar zure grappen gelachen, na eerst gecheckt te hebben of ze wel echt cynisch bedoeld waren. De twinkeling in haar felblauwe kraaloogjes liet daar geen twijfel over bestaan. Zoals die keer toen ze voor de tweede keer in één week was gevallen, omdat haar tere benen haar simpelweg niet meer konden dragen en ze daar een joekel van een blauw oog aan over hield. Haar verklaring: “Ach ik ben gewoon wat uitgeschoten met de oogschaduw.” Gevolgd door die droge, samenzweerderige glimlach van d’r.. Onschatbaar.

Het was ons zoontje Mees die haar bij ons op de stoep deed belanden. Toen we er net een week of wat woonden, belde ze aan met de vraag of Mees er ook was. Toen ik zei van niet, maakte ze rechtsomkeerts: “Jammer, ik kwam voor Mees. Goedemiddag!” Lekker direct was ze. Ik mis haar en haar bitterzoetheid. Het allermooiste was m’n buurvrouw als ze bij Mees was. Haar ogen lichtten dan op en ze werd in een klap blij en luchtig. Vroeg zich hardop af waar ze zou beginnen met hem op te eten. Ook leerde ze hem nuttige wijsheden: “Als iets je niet zint, dan zeg je gewoon verdomme!” Deze lijn van opvoeding zetten wij uiteraard door.

Uiteindelijk is de derde val haar fataal geworden. Gelukkig. Haar lijf was op. In het ziekenhuisbed lag een klein meisje van 30 kilo. Met zachte witte haren en zware oogleden. Die wederom oplichtten toen ik Mees bij haar zette. Praten lukte niet meer, maar stralen konden haar ogen nog steeds. Ook haar humor was er nog. Ik gaf haar wat te drinken met een rietje en in plaats van te zuigen, blies ze bubbels in het glas. Daarna weer die eigenzinnige blik. En toen  gleed ze in slaap. De boterkoekjes die ik meebracht heeft ze denk ik niet meer opgegeten.

We zijn naar haar crematie geweest. In een besloten kring van familie en wat vrienden en kennissen werden we warm onthaald. Ik pinkte een traantje weg toen de ceremonie besloten werd met een door haar zelf uitgekozen lied: ‘Is that all there is?’ van Peggy Lee. Luister het maar eens, het was zo toepasselijk! “Is that all there is? Is that all there is? If that’s all there is, my friend, then let’s keep dancing. Let’s bring out the booze and have a ball.. If that’s all there is…” Zo voelde ze zich waarschijnlijk aan het eind van haar leven, geen partner – nooit gehad ook – niet veel bezoek, in slechte gezondheid. Maar dan die bitterzoete inval: laten we er een feestje van maken, ookal gaat het niet meer! Lekker roken en gokken, het heeft toch geen zin meer. Het heeft me gegrepen. Om zoiets van zo dichtbij mee te maken is verrijkend geweest. Het hoort bij het leven, het einde. We hebben haar laatste maanden een stukje aangenamer gemaakt door er met aandacht te zijn. En dat voelt zo bevredigend, het geeft me energie! Het beeld dat ik had van wonen met bejaarden had klopte niet. Door ze voor vol aan te zien en met respect te behandelen, dragen we bij aan de kwaliteit van hun leven. Ookal staan ze in hun luier in de lift ‘s nachts, ookal mopperen ze, ookal vertellen ze alwéér hetzelfde verhaal en vergeten ze dat je je al tig keer hebt voorgesteld. Op het moment dat je besluit de ander als gelijkwaardig te zien, kun je pas echt contact maken. Ik geloof dat het interacteren met ouderen en ze echt zíen, voor vol aanzien, iets is dat zowel oud als jong kan verrijken.